Wijzigingen werkgever prinsjesdag

Prinsjesdag 2026: Wijzigingen werkgever

Datum: 18 september 2026, Auteur: Avant groep
Wijzigingen werkgever prinsjesdag

1. Onbelaste reiskostenvergoeding stijgt
naar € 0,25

Als werkgever of ondernemer kun je zakelijke kilometers tot een maximumbedrag onbelast vergoeden of aftrekken. Voor de loonheffingen geldt woon-werkverkeer daarbij als zakelijk verkeer.

De maximale onbelaste vergoeding stijgt van € 0,23 naar € 0, 25 per kilometer. De staatssecretaris van Financiën keurde deze verhoging al in mei 2026 goed via een beleidsbesluit. De verhoging wordt nu wettelijk vastgelegd en geldt met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026. De wijziging kan ook gevolgen hebben voor andere kilometerforfaits.

Als werkgever krijg je hierdoor meer ruimte om de werkelijke reiskosten van werknemers onbelast te vergoeden. Niet alle werknemers hebben automatisch recht op € 0,25 per kilometer. Dat hangt af van de cao, arbeidsovereenkomst en de afspraken binnen de organisatie.

Tip!
Controleer of je het mobiliteitsbeleid en de salarisverwerking met terugwerkende kracht wil aanpassen. Houd daarbij rekening met afspraken in de cao en arbeidsovereenkomsten.

2. Hogere Aof-premie verhoogt werkgeverslasten

Het kabinet wil een deel van de extra defensie-uitgaven financieren via een zogenoemde vrijheidsbijdrage van burgers en bedrijven. Voor werkgevers wordt deze bijdrage grotendeels verwerkt in een hogere premie voor het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Aof). Hierdoor stijgen je loonkosten. De definitieve premiepercentages staan nog niet vast en worden later bekendgemaakt.

Let op!
Houd in je personeelsbegroting voor 2027 rekening met hogere werkgeverslasten. Pas de loonkostenberekening aan zodra de definitieve Aof-premiepercentages bekend zijn.

Aof-premie al jaren te hoog? Wat speelt hier?
In de media klinken geluiden dat werkgevers al jarenlang te veel Aof-premie zouden betalen. Wat speelt hier? Als werkgever betaalt u Aof-premie, een premie voor het arbeidsongeschiktheids- fonds, aan de Belastingdienst.

Initiatief voor collectieve actie
Er is een initiatief gestart om in een collectieve actie de mogelijk te veel betaalde Aof-premie terug te vorderen van de Belastingdienst. De initiatiefnemers stellen dat ruim 20% van de betaalde Aof-premie onterecht is.

Tegengeluiden
Zowel het UWV als het Ministerie van SZW geeft aan dat de Aof-premie niet te hoog is. Uit berichtgeving van de Telegraaf volgt dat het UWV stelt dat geen sprake is van een omslagstelsel, maar dat de Staat eind jaren negentig van de vorige eeuw al is overgegaan naar een ander stelsel. Een hoogleraar Fiscale Economie betwijfelt of dit zo is, aldus De Telegraaf. De Telegraaf meldt daarnaast dat het Ministerie van SZW aangeeft dat het arbeidsongeschiktheidsfonds mede gebruikt mag worden om andere gaten te vullen. Zo is de premie bijvoorbeeld in 2025 ook omhooggegaan om de geschrapte btw-verhoging op cultuur te dekken.

Wat nu?
Vraag is nu of het verstandig is om aan te sluiten bij dit initiatief (betreft een massaal bezwaarprocedure). Dit is een afweging die je zelf moet maken.

Avant groep neemt in deze (potentiële) procedure geen stelling in, maar wij willen je als klant hier wel over informeren.

Als je twijfelt over deelname aan de bezwaarprocedure, neem dan contact op met Arie Rehorst.
Bel 085 – 822 62 22 of stuur een e-mail naar arehorst@avant-accountants.nl

Let op!
Weet wel dat de initiatiefnemers een bijdrage vragen voor het aansluiten bij hun initiatief. Het is dus niet kosteloos en de kans op succes is uiteraard niet gegarandeerd.

3. Pensioengrens blijft tot 2032 gelijk

Het bedrag waarover fiscaal gefaciliteerd pensioen kan worden opgebouwd, bedraagt in 2026 € 137.800. Boven deze grens is pensioenopbouw onder meer mogelijk via een netto pensioen of lijfrente. Van 2027 tot 2032 wordt de grens niet geïndexeerd en blijft € 137.800. Vooral werknemers met een hoger loon kunnen hierdoor eerder tegen deze grens aanlopen. Voor hen kan aanvullende pensioen- of vermogensopbouw interessant zijn.

4. Wijziging vrije ruimte binnen de werkkostenregeling

Via de werkkostenregeling kun je als werkgever vergoedingen en verstrekkingen aanwijzen als eindheffingsloon. Gerichte vrijstellingen gaan niet ten koste van de vrije ruimte. Overschrijd je de vrije ruimte? Dan betaal je 80% eindheffing. Vanaf 1 januari 2027 bedraagt de vrije ruimte 2,16% over de eerste € 400.000 van de loonsom en 1,18% over het bedrag daarboven.
Vanaf diezelfde datum vervalt de gerichte vrijstelling voor branche-eigen producten. Geef je als werkgever je werknemers korting op producten van je eigen bedrijf? Dan moet je deze korting vanaf 2027 onderbrengen in de vrije ruimte van de werkkostenregeling.

Let op!
Hierdoor overschrijd je de vrije ruimte mogelijk eerder en betaal je sneller de 80% eindheffing.

Tip!
Inventariseer welke afspraken in cao’s, personeelshandboeken en arbeidsvoorwaarden staan. Beoordeel vervolgens of je deze afspraken door de wijziging wilt aanpassen.

5. Nieuwe werkgeversheffing voor fossiele auto’s

Vanaf 1 januari 2027 krijg je als werkgever te maken met een aparte heffing voor fossiele personenauto’s die werknemers ook privé mogen gebruiken. Deze heffing komt boven op de bijtelling voor de werknemer.

Als werkgever betaal je straks een extra heffing van 12% van de cataloguswaarde van een fossiele personenauto die een werknemer ook privé mag gebruiken. Voor personenauto’s die al ter beschikking zijn gesteld, voorziet het voorstel in overgangsrecht tot en met 31 december 2030.

Let op!
Voor deze regeling geldt ook woon-werkverkeer naar een vaste werkplek als privégebruik.

Het Belastingplan 2027 bevat verschillende uitzonderingen. Zo geldt een uitzondering voor vervangende auto’s tijdens onderhoud, reparatie, bandenwissel of schadeherstel. Deze uitzondering geldt maximaal 14 kalenderdagen per onderhouds- of reparatieperiode.

Daarnaast geldt tot en met 31 december 2030 één tijdelijke uitzondering per kalenderjaar voor maximaal zeven aaneengesloten dagen. Deze uitzondering geldt voor een fossiele huur- of deelauto die ook privé ter beschikking staat. Rijscholen hoeven bovendien geen pseudo-eindheffing te betalen voor handgeschakelde lesauto’s.

De werkgeversheffing komt naast de bijtelling van de werknemer. Deze kun je niet op de werknemer verhalen. Fossiele leaseauto’s kunnen daardoor fors duurder uitvallen, vooral bij auto’s met een hoge cataloguswaarde.

Tip!
Breng per auto de cataloguswaarde en de datum van eerste terbeschikkingstelling in kaart. Beoordeel vervolgens of en hoe je het wagenpark wil aanpassen.

6. Expatregeling: onbelaste vergoeding daalt naar 27%

Met de expatregeling kun je bepaalde werknemers die uit het buitenland komen een onbelaste vergoeding geven voor extra kosten die samenhangen met werken in Nederland. De regeling geldt niet automatisch voor iedere grensarbeider.

Vanaf 2027 daalt de onbelaste vergoeding naar 27%. Ook gaan hogere salarisnormen gelden. Naar verwachting bedraagt de reguliere salariseis € 50.436.

Door de verlaging naar 27% wordt een kleiner deel van het loon onbelast. Voor nieuwe werknemers kan het door de hogere salarisnormen lastiger worden om voor de regeling in aanmerking te komen. Voor bestaande werknemers kan overgangsrecht gelden. Hierdoor kunnen binnen je organisatie verschillende regimes naast elkaar bestaan.

7. Nieuwe regeling voor aandelenopties bij start-ups en scale-ups

Voor innovatieve start-ups en scale-ups kan het lastig zijn om goede medewerkers aan te trekken en vast te houden. Een nieuwe regeling moet medewerkersparticipatie via aandelenopties fiscaal aantrekkelijker maken. Werknemers die via opties aandelen in hun werkgever kopen, werden voorheen belast over het volledige voordeel. Dit voordeel is het verschil tussen de inleg en de verkoopopbrengst.

Onder de nieuwe regeling blijft 35% van dit voordeel belastingvrij. Daarnaast betaalt de werknemer pas belasting op het moment dat de aandelen worden verkocht. Tussen de toekenning van de aandelenopties en de verkoop van de verkregen aandelen uit de aandelenopties moet minimaal twee jaar zitten. Bij een beursgang of verkoop van de onderneming geldt een uitzondering en mag verkoop wel binnen twee jaar plaatsvinden.

Let op!
De regeling geldt niet bij verkoop van de aandelenopties, maar alleen bij verkoop van de met de aandelenopties verkregen aandelen.

Je onderneming heeft hiervoor wel een beschikking van RVO nodig. Daaruit moet blijken dat sprake is van een innovatie start-up of scale-up met een schaalbaar bedrijfsmodel. Dit betekent dat de omzet sterk kan groeien, zonder dat de personeelskosten en andere kosten even hard hoeven mee te groeien.

Deze beschikking is vanaf de dagtekening acht jaar geldig. Onder voorwaarden kun je de beschikking steeds met vijf jaar verlengen, tot een totale looptijd van maximaal 23 jaar.

Daarnaast gelden enkele administratieve voorwaarden. Zo moet je goedkeuring geven voor de verkoop en administreren wat de status is van alle verleende opties.

Tip!
Onderzoek of je onderneming voor een RVO-beschikking in aanmerking komt. Beoordeel daarnaast of werknemersparticipatie kan helpen om talent aan te trekken, te belonen en te behouden.

Deze regeling moet op 1 januari 2027 ingaan. De definitieve inwerkingtreding vindt plaats op een tijdstip dat bij koninklijk besluit wordt bepaald. Aandelenoptierechten die op of na 17 april 2025 zijn toegekend, kunnen mogelijk ook gebruikmaken van de regeling. Daarvoor moeten de aandelenoptierechten op 31 december 2026 nog niet in de loonbelasting zijn betrokken en moet aan de overige voorwaarden zijn voldaan.

Maakt je onderneming gebruik van de start-up-regeling? Dan krijg je te maken met een nieuwe meldplicht bij RVO. Voldoet je onderneming niet langer aan de voorwaarden voor een start-up of scale-up of gaat zij failliet? Dan moet je dit binnen vier weken bij RVO melden.

Als je niet aan deze verplichting voldoet, kan volgens de toelichting een bestuurlijke boete volgen die kan oplopen tot € 103.000. Ook kan RVO de beschikking intrekken, waardoor de fiscale voordelen voor werknemersopties verloren kunnen gaan.

Tip!
Richt je interne processen zo in dat je wijzigingen in de ondernemingsstructuur, aandeelhouderspositie of kwalificatiestatus direct signaleert. Zo kun je wijzigingen binnen vier weken melden.

8. Nieuwe toelatingsplicht bij het uitlenen van personeel

Vanaf 1 januari 2027 geldt de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (Wtta). Deze wet introduceert een verplicht toelatingsstelsel voor uitzendbureaus, detacheerders en andere ondernemingen die personeel uitlenen. De Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt (NAU) verleent de toelating of ontheffing.

Het jaar 2027 geldt als overgangsjaar. Inleners kunnen vanaf 1 juli 2027 in het openbare register van de NAU controleren of een uitlener is toegelaten, ontheffing heeft of nog onder de overgangsregeling valt.

Bedrijven die werknemers willen blijven uitlenen, moeten wel tussen 1 mei 2027 en 30 juni 2027 een toelating aanvragen. Het beoordelen van bedrijven begint vanaf 1 juli 2027.

Let op!
Uitleners moeten zich tussen 1 november en 31 december 2026 aanmelden voor de overgangsregeling. Als zij dan van 1 mei 2027 tot en met 30 juni 2027 een aanvraag tot toelating doen, kunnen zij personeel blijven uitlenen gedurende de tijd dat hun aanvraag door de NAU beoordeeld wordt. Een uitlener die op 30 juni 2027 een SNA-keurmerk heeft, moet wel een aanvraag tot toelating doen, maar hoeft zich niet aan te melden voor de overgangsregeling.

Vanaf 1 januari 2028 start de Nederlandse Arbeidsinspectie met de handhaving. Voor die tijd moeten uitleners de benodigde stappen zetten om een toelating of ontheffing te krijgen. Huur je als werkgever personeel in van een uitlener zonder toelating? Dan kan zowel de uitlener als jij vanaf 2028 een forse boete krijgen.

Tip!
Breng zo spoedig mogelijk in kaart via welke partijen je personeel inhuurt. Controleer of deze uitleners straks over de vereiste toelating beschikken en leg in je contracten vast dat zij aan de toelatingsplicht blijven voldoen. Zo verklein je het risico op boetes, onverwachte kosten en problemen met je personeelsinzet.

Tip!
Collegiale uitleen, waarbij geen winst wordt gemaakt of in- en uitleen binnen concernverband, valt straks niet onder het toelatingsstelsel. Bovendien kunnen bedrijven die in zeer beperkte mate arbeidskrachten ter beschikking stellen om ontheffing vragen als de inkomsten uit het uitlenen minder zijn dan 10% van de totale inkomsten in een jaar én die inkomsten niet hoger zijn dan € 5 miljoen per jaar.

9. Vast uurloon S&O-afdrachtvermindering stijgt

Doe je als werkgever aan speur- en ontwikkelingswerk? Dan kun je daarvoor een beschikking aanvragen bij RVO. Daarmee kun je minder loonheffing afdragen. De hoogte daarvan hangt onder meer af van het aantal gewerkte uren en het gemiddelde uurloon van de betrokken werknemers.

Heb je in de afgelopen twee jaar geen S&O-beschikking aangevraagd? Dan geldt een vast uurloon voor de berekening. Dit uurloon stijgt per 1 januari 2027 van € 29 naar € 33. Deze verhoging kan leiden tot een hogere tegemoetkoming voor werkgevers die met dit vaste uurloon rekenen.

De grens van € 391.020 voor de eerste schijf en de bijbehorende percentages veranderen in 2027 niet.

Meer weten?

Heb je vragen of wil je advies over wat het Belastingplan voor jou betekent? Bel ons gerust! Neem contact op met je contactpersoon bij Avant groep. Onze adviseurs en specialisten staan voor je klaar en helpen je graag.

Dit artikel is onderdeel van onze Prinsjesdagspecial 2026. Bekijk hier het complete overzicht van alle artikelen en belastingvoorstellen.

Wellicht ook interessant…

voorjaarsnota-2026

De belangrijkste wijzigingen voor ondernemers aangekondigd op Prinsjesdag 2026.

Prinsjesdag2025-overige-wijzigingen

Met Prinsjesdag zijn verschillende fiscale maatregelen aangekondigd die gevolgen hebben voor stichtingen, verenigingen en particulieren.

Vervoer-prinsjesdag

Diverse wijzigingen in het belastingplan 2027. Meer informatie in dit artikel. Vervoer Prinsjesdag 2026

Inschrijven nieuwsbrief

Wilt u ook op de hoogte gehouden worden? Mis niets en ontvang alle updates van Avant groep!

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.